Kabinet, overweeg stikstofheffing voor een eerlijk stikstofbeleid.

Om een structurele oplossing voor het stikstofprobleem te realiseren heeft het kabinet op 13 oktober 2020 de ‘Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet’ voorgesteld. In deze wijziging worden verschillende maatregelen voorgesteld om te komen tot een acceptabele stikstofdepositie. SGP-jongeren is positief over een groot aantal van de voorgestelde maatregelen, wel is het belangrijk dat ondernemers de vrijheid houden om hun eigen bedrijfsvoering te bepalen. Daarom vinden wij dat het kabinet de mogelijkheden voor een stikstofheffing moeten onderzoeken. 

Maatregelen kabinet 

Een van de maatregelen die het kabinet wil nemen is het gericht opkopen van piekbelasters rondom Natura 2000-gebieden. De provincies krijgen budget om lokaal piekbelasters rondom Natura 2000-gebieden op te kopen. Met deze maatregel kan er vrij eenvoudig op bepaalde cruciale plekken een verlaging van de stikstofdepositie gerealiseerd worden.

 

Een andere maatregel is het verlagen van het ruweiwitgehalte in veevoer. Dit is een opvolging van de eerste maatregel met betrekking op het verlagen van het ruweiwitgehalte in veevoer, die overigens is ingetrokken. Hierover heeft SGP-jongeren al eerder een statement gepubliceerd.[i] Er wordt niet uitgewerkt hoe deze tweede maatregel met betrekking op het verlagen van het ruweiwitgehalte in veevoer er in de praktijk uit gaat zien, maar het is zeer waarschijnlijk dat ook deze tweede maatregel de mogelijkheden die veehouders hebben om te komen tot een goed rantsoen voor hun dieren, sterk inperkt.

 

Nog een manier die het kabinet noemt om tot vermindering van de stikstofdepositie te komen is het verduurzamen van stallen. Eerst moet dit gebeuren met een subsidieregeling en uiterlijk in 2025 zullen voor alle relevante diergroepen aangescherpte emissienormen ingaan. Deze normen hebben betrekking op de emissie van ammoniak vanuit stallen. Eerst zullen deze normen gaan gelden voor nieuwe stallen; voor bestaande stallen is er een overgangsperiode. 

 

Naast een aantal hiervoor genoemde maatregelen worden er in het wetsvoorstel tal van subsidieregelingen en campagnes genoemd. Deze hebben bijvoorbeeld tot doel dat veehouders de drijfmest die ze toedienen aan grasland verdunnen met water, het aantal uren weidegang te vergroten of meer mest centraal te laten verwerken tot kunstmestvervanger.  

Het kabinet stelt echter niet alleen maatregelen in de veehouderij voor. Er worden ook maatregelen genoemd die stikstofemissiereductie in andere sectoren realiseren. zo wil het kabinet bijvoorbeeld elektrisch taxiën van vliegtuigen en het plaatsen van katalysatoren op scheepsmotoren stimuleren.  

 

Minder dwang 

 

SGP-jongeren vindt het goed dat het kabinet maatregelen wil nemen om de stikstofdepositie terug te brengen, dit is immers belangrijk voor het behoud van kwetsbare natuur. Wel moet ervoor gewaakt worden dat de focus niet alleen op de agrarische sector komt te liggen, maar dat alle sectoren die bijdragen aan het stikstof probleem substantieel bijdragen aan de oplossing hiervan. Ook vinden we dat een aantal maatregelen een te sterk dwingend karakter heeft, waardoor ondernemers, zoals boeren, de vrijheid wordt ontnomen om zelf met hun ervaring en expertise de bedrijfsvoering van hun onderneming te bepalen. 

 

Om toch te zorgen voor een verminderde stikstofdepositie zonder sterk dwingende maatregelen, vindt SGP-jongeren dat het kabinet de mogelijkheden van een stikstofheffing moet onderzoeken. Een boer betaalt dan een bedrag voor de hoeveelheid stikstof die hij uitstoot. Boeren die meer stikstof uitstoten, moeten dus meer betalen, terwijl boeren die hun bedrijf verduurzamen kosten besparen. De hoogte van de heffing wordt bepaald door de snelheid waarmee stikstof moet worden gereduceerd en de snelheid waarop boeren kunnen verduurzamen. Een stikstofheffing werkt dus hetzelfde als een CO2-heffing bij bedrijven, waar gebleken is dat dit een goede en eerlijke methode is voor snelle verduurzaming.

 

Een stikstofheffing is een goed instrument om de stikstofdepositie op een voorspelbare en gecontroleerde wijze te verminderen en geeft ondernemers tegelijkertijd de vrijheid om zelf de maatregelen te nemen die in hun visie en bedrijfsvoering passen. De opbrengsten van deze heffing kunnen gebruikt worden om door middel van subsidies ondernemers de financiële ruimte te geven om die maatregelen te kunnen nemen. Zo blijft het geld binnen de sector en wordt voorkomen dat Nederlandse bedrijven uit bijvoorbeeld de agrarische sector hun concurrentiepositie verliezen. 

Geschreven door Matthias Bunt

Commissielid Duurzame Ontwikkeling en Landbouw. Meer artikelen van Matthias Bunt:



Blog comments powered by Disqus