Pensioenen

  1. De AOW-leeftijd wordt geleidelijk (1 maand per jaar) verhoogd naar 67 jaar. Voorwaarde voor deze maatregel is wel dat ouderen een eerlijke kans op werk hebben. Vandaar dat de SGP hier fors in investeert.
  2. Alleen als kansen toenemen en groot genoeg zijn, kan de AOW leeftijd omhoog. Anders is de maatregel niet zinvol en niet rechtvaardig. Daarom investeert de SGP fors om langer werken voor ouderen mogelijk te maken. Er wordt stevig ingezet op bijscholing en omscholing. Om mensen met de zogenaamde ‘zware beroepen’ langer te kunnen laten werken, wordt werk gemaakt van sterk verbeterde arbeidsomstandigheden. De sociale partners kunnen daarover nadere afspraken maken bij de CAO-onderhandelingen. Indien nodig zet de SGP extra beleid in om voldoende kansen te realiseren.
  3. De premiekorting voor het in dienst houden van een werknemer van 62 jaar of ouder wordt vervangen door een no-riskpolis in de Ziektewet voor oudere werknemers.
  4. Voor oudere werknemers wordt er na de WW een loonverzekering (inkomstenverrekening) geïntroduceerd van maximaal 1 jaar bij acceptatie van een baan onder het oude inkomensniveau.
  5. Ontslagen werknemers met een arbeidsverleden van tenminste 10 jaar krijgen een individueel trekkingsrecht op scholing.
  6. Als de houdbaarheid van de financiën indexering op de levensverwachting nodig maakt, dan zal dat moeten plaatsvinden. Dit heeft echter geen effect voordat rond 2040 de AOW-leeftijd van 67 jaar is bereikt.
  7. Als mensen toch kiezen voor een AOW op 65 jaar, dan heeft dat een lagere AOW-uitkering tot gevolg. Als mensen ervoor kiezen om op latere leeftijd met AOW te gaan, dan levert dat een hogere AOW-uitkering op.
  8. Momenteel betalen jongeren een groter deel van de AOW dan ouderen. Dit wordt de komende 18 jaar geleidelijk recht getrokken door het fiscale tarief voor ouderen met 1% per jaar te verhogen. Om deze maatregel voor de minima te compenseren, wordt het bruto AOW-bedrag verhoogd.
  9. Er vindt geen extra korting plaats op de AOW-partnertoeslag.

De fiscale stimulans voor opbouw van aanvullend pensioen wordt voor inkomens van meer dan 1,5 maal modaal geschrapt voor het deel boven deze grens. Voorwaarde is wel dat er duidelijke afspraken komen over wat mensen over hun pensioenen moeten weten en wat pensioenfondsen moeten aanbieden om te zijner tijd grote nadelige verrassingen te voorkomen.