China

China is in een korte tijd een zeer belangrijke handelspartner van Nederland geworden. Nederlandse bedrijven investeren volop in de bloeiende Chinese economie. Andersom zijn producten met het label ‘Made in China’ niet meer weg te denken uit Nederlandse winkels. Dit is positief voor de economie van beide landen. China is de snelstgroeiende economie ter wereld. Als exportland heeft Nederland daarom baat bij een goede relatie met China.

 

De relatie met China moet echter niet alleen gebaseerd zijn op winst en exporttoename. De Nederlandse regering dient eveneens oog te hebben voor de schaduwzijden die de Chinese economische groei met zich meebrengt. Het land kent nog veel armoede en onderdrukking – vooral op het platteland. Ook is er sprake van corruptie, grootschalige milieuvervuiling en schending van mensenrechten. China moet door Nederland blijvend worden aangesproken op deze problematiek.

 

De grote sociaal-economische veranderingen in de Chinese samenleving hebben gevolgen voor de positie van gelovigen in het immense land. Zo is de vrijheid van kerken de afgelopen jaren toegenomen. China kent momenteel al meer dan 80 miljoen christenen. Echter, in sommige regio’s is er nog steeds sprake van (zware) christenvervolging. Het Nederlandse kabinet moet dit – ook in Europees verband – voortdurend aankaarten bij de Chinese overheid. Economische belangen mogen niet voortdurend zwaarder wegen dan geloofsvrijheid.

 

Op het wereldtoneel, waaronder in de VN-Veiligheidsraad, speelt China vaak een zeer kwalijke rol. Een land als Noord-Korea kan al decennialang doorgaan met het verdelgen van de eigen bevolking doordat China steun verleent aan het Pyongyang-regime en alle acties vanuit de internationale gemeenschap systematisch dwarsboomt. Dit moet gevolgen hebben voor de houding van vrije landen ten opzichte van China. Brede, wereldwijde coalities zullen moeten worden gesmeed om China’s houding te veranderen waar dat het meeste nodig is.