Vredige smeltkroes van culturen

In de volksmond heet het een zwarte school, scholen waar de meerderheid uit niet-westerse allochtonen bestaat. Deze scholen staan meestal in een grote stad en hebben een slecht imago. Er zou te weinig gedaan worden aan de integratie van studenten op deze scholen. De commissie Binnenland van SGP-Jongeren ging eens kijken op een zwarte school in Rotterdam: het Albeda College in Zuid.

In de volksmond heet het een zwarte school, scholen waar de meerderheid uit niet-westerse allochtonen bestaat. Deze scholen staan meestal in een grote stad en hebben een slecht imago. Er zou te weinig gedaan worden aan de integratie van studenten op deze scholen. De commissie Binnenland van SGP-Jongeren ging eens kijken op een zwarte school in Rotterdam: het Albeda College in Zuid.
 
De hoofdvestiging van het Albeda College, één van de grootste ROC van Nederland, bestaat uit verschillende opleidingen die in drie categorieën in te delen zijn: Zorg en Welzijn, Horeca en Brood en Banket. Frederique Nieuwenhuizen is voorlichter bij de opleiding Gezondheidszorg. Zij vertelt dat integratie niet echt de taak van school is. “Wij spreken leerlingen aan op hun gedrag als dat nodig is. En we hebben zoals alle mbo-opleidingen het vak burgerschapsvorming.” Mevrouw Mookhoek van het informatiestudiepunt van het Albeda College, vertelt dat er weinig verschil is te merken tussen allochtone en autochtone leerlingen. “Als leerlingen op onze school willen komen moeten ze voldoen aan toelatingseisen. Één daarvan is bijvoorbeeld dat de beheersing van de Nederlandse taal goed moet zijn.”

De persoon die het meest te maken lijkt te hebben met integratie is de schoolmaatschappelijk werkster, mevrouw Jordaan. Leerlingen die privéproblemen hebben die van invloed zijn op de studie, kunnen bij haar terecht. Mevrouw Jordaan werkt onder andere samen met NAW (vertegenwoordiging van de Antilliaanse gemeenschap) en de KEG (voor eergerelateerd geweld, zoals eerwraak). Op het Albeda College zijn alle culturen vertegenwoordigd en dat zorgt soms voor problemen. Zo was er een Chinese jongen die niet mocht studeren van zijn vader. In de Chinese cultuur is het een grote schande als je je vader niet gehoorzaamt. “Een persoon van de GGD kende die familie al jaren en via die persoon hebben we bereikt dat die jongen toch kon gaan studeren op deze school.”, vertelt mevrouw Jordaan. Ook eerwraak, of een dreiging daarvan, komt af en toe voor. “Dat moet dan in het diepste geheim opgelost worden.”

Geen enkele leerling gaat het werkveld in zonder dat problemen die hem kunnen belemmeren bij het vinden van een baan of het werken zelf opgelost zijn, vertelt Jordaan. “Als een probleem niet opgelost is, wordt de leerling doorverwezen naar een andere instelling die hem of haar verder helpt.”
 
Een inkijkje in de les anatomie versterkt het beeld dat integratie hier niet echt een issue lijkt te zijn. De les wordt op een interactieve manier gevoerd. Af en toe vliegt er een bijdehante opmerking door de klas. Zwart en wit, allochtoon en autochtoon, ze zitten door elkaar en gaan gewoon met elkaar om. Hier geen machocultuur of groepen die zich afzonderen van de rest. Je zou kunnen zeggen dat deze school, een vredige smeltkroes van culturen, kleuren en etniciteiten, hét rolmodel zou moeten vormen voor de integratieproblematiek van vandaag.

Geschreven door Jan Adriaan den Hertog

Jan Adriaan is lid van de commissie Binnenland.


Blog comments powered by Disqus