Spanningen in het voortgezet onderwijs

Afgelopen donderdag staakte een deel van de docenten in het voortgezet onderwijs. De reden hiervoor is de onlangs aangenomen wetswijziging over de onderwijstijd. Om hun protest kracht bij te zetten organiseerden de onderwijsvakbonden een manifestatie in Utrecht. Maar waar protesteerden de leraren eigenlijk tegen? En wat vinden de SGP-Jongeren?

Afgelopen donderdag staakte een deel van de docenten in het voortgezet onderwijs. De reden hiervoor is de onlangs aangenomen wetswijziging over de onderwijstijd. Om hun protest kracht bij te zetten organiseerden de onderwijsvakbonden een manifestatie in Utrecht. Maar waar protesteerden de leraren eigenlijk tegen? En wat vinden de SGP-Jongeren?

Wetsvoorstel
Het wetsvoorstel van de minster Van Bijsterveldt bevat twee onderdelen. Aan de ene kant de zogenaamde 1040-urennorm: leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs moeten per jaar 1040 uren onderwijs krijgen. Op dit voorstel komt de meeste kritiek. Aan de andere kant betreft het een regeling voor vakantiedagen. In plaats van een week minder zomervakantie mogen scholen drie vrije dagen door het jaar heen plannen. De minister is daarbij tegemoet gekomen aan het amendement van SGP-Kamerlid Dijkgraaf om het aantal roostervrije organisatiedagen (voor bijvoorbeeld vergaderingen en cursussen) te verhogen van vijf naar negen.

De SGP-Jongeren stemmen met dit voorstel in. Wat de 1040-urennorm betreft, menen wij wel dat er niet eenzijdig op kwantiteit (het aantal onderwijsuren) gefocust moet worden. De kwaliteit, die getoetst wordt door de inspectie, moet voorop staan. Wij staan voor een zekere mate van vrijheid voor scholen. Het tweede onderdeel van het voorstel biedt scholen meer vrijheid om hun eigen (rooster)vrije dagen te bepalen. Dit betekent bijvoorbeeld dat reformatorische scholen hun leerlingen op de bid- en dankdagen vrij af kunnen geven.

Kritiek
De felle kritiek op Van Bijstelveldt en de staking staan echter niet op zichzelf. De verschillende veranderingen die het voortgezet onderwijs te wachten staat, veroorzaken spanning. Voor die emoties hebben wij begrip; het toont de betrokkenheid van het docentenkorps bij het onderwijs. Laten wij voorop stellen dat wij stakingen en beledigende taal aan het adres van de minister ten zeerste afkeuren. Wij roepen daarom enerzijds docenten op het debat met rationele argumenten te voeren. Anderzijds moedigen wij de minister en de politiek aan de kritische geluiden uit de onderwijswereld serieus te nemen. Het gaat immers om de toekomst van de jeugd.

Geschreven door Johan van de Worp

Johan is lid van de commissie onderwijs. Meer artikelen van Johan van de Worp:



Blog comments powered by Disqus