Laat wetenschappers gewoon hun werk doen

Het is niet voor het eerst dat er een alarmerend geluid klinkt vanuit de Nederlandse universiteiten. Dit geluid is inmiddels aangezwollen tot een noodkreet. Ditmaal is deze afkomstig van het onderzoeksbureau Totta Research, in opdracht van vakbond FNV. De resultaten van dit bureau tonen de hoge werkdruk op de universiteiten aan. Deze zal absoluut lager moeten om het wetenschappelijk onderzoek niet te devalueren.

De conclusies liegen er niet om. Maar liefst 75% van de ruim 2500 respondenten gaf aan dat de werkdruk de afgelopen drie jaar hoger is geworden. De redenen die hiervoor gegeven worden zijn onder meer de publicatiedruk, de papieren rompslomp rondom het aanvragen van onderzoeksgeld en het gapende gat tussen de doelstellingen (een plaats in de top van de universitaire ranglijst) en de middelen waarmee deze behaald moeten worden (een tekort een geld en personeel). Een dergelijke werkdruk komt het wetenschappelijk onderzoek niet ten goede omdat er nauwelijks tijd meer is voor fundamenteel onderzoek. Niet verwondering of nieuwsgierigheid zijn leidend maar perverse prikkels zoals de publicatiedruk en de conformering aan financiële beleidsplannen, die aangeven welk onderzoek het meeste rendement op zal leveren en wat dus de voorkeur verdient te krijgen. In een dergelijk wetenschappelijk onderzoeksklimaat kunnen we een nieuwe Einstein, iemand die zich liet leiden door verwondering en nieuwsgierigheid, echt wel vergeten. Niet voor niets legde ook Nobelprijswinnaar Ben Feringa hier de nadruk op.
 

Dit is echter niet het enige probleem. Ook de studenten zijn de dupe van deze dubieuze toepassing van het rendementsdenken aan de bestuurstafels van de Nederlandse universiteiten. Het aantal studenten is drastisch toegenomen (positief voor de bestuurders, dat levert meer geld op) terwijl het aantal docenten nauwelijks toenam (nog veel positiever, want zo ben je per student minder geld kwijt aan onderwijs). Wetenschappers moeten dus lesgeven aan meer studenten maar krijgen daardoor veel minder tijd voor de begeleiding van studenten. De wetenschap van de toekomst staat hierdoor dus onder druk. Niet omdat wetenschappers geen verantwoord wetenschappelijk onderwijs willen verzorgen maar omdat ze niet in de gelegenheid gesteld worden om het te geven.
 

Wat moet er gebeuren om deze twee fundamentele problemen op te lossen? Om het eerste probleem op te lossen zou het verstandig zijn dat wetenschappers de onderzoeksagenda bepalen en zich hierbij niet laten leiden door bestuurders die louter in termen van direct rendement denken. Voor de oplossing van het tweede probleem zullen er meer wetenschappers nodig zijn zodat de onderwijsuren beter verdeeld kunnen worden. SGP-jongeren ziet het samengaan van onderwijs en onderzoek namelijk als een vitale peiler voor het wetenschappelijk bestel. Met deze twee oplossingen zal de wetenschap misschien minder doelmatig te werk gaan, maar kunnen wetenschappers wel gewoon blijven doen waar ze goed in zijn: het in verwondering ontsluiten van de geschapen natuur en ontstane cultuur voor de toekomstige generatie. 

Geschreven door Rick Moeliker

Rick is voorzitter van de commissie Onderwijs.. Meer artikelen van Rick Moeliker:



Blog comments powered by Disqus