Kenniseconomie houdt niet zichzelf in stand!

Nederland presenteert zichzelf graag als kenniseconomie. Die kennis is niet aan komen waaien. Hier is jarenlang hard voor gewerkt in de academische wereld. Het is dan ook niet vanzelfsprekend dat deze kennis altijd op hetzelfde niveau blijft. Wetenschappers moeten daarom de ruimte krijgen om hun onderwijs- en onderzoekstaak goed uit te kunnen voeren. Het betekent ook dat er voldoende aanwas moet zijn. Juist op dit punt creëert onze regering een probleem. Studeren wordt door het leenstelsel een nogal kostbare zaak en doorstuderen is schier onmogelijk door de prijs van een tweede studie.

In 2015, het eerste jaar na de invoering van het leenstelsel, neemt het aantal inschrijvingen op hogescholen en universiteiten met 6,8% af. Dat is volgens verwachting.  Er is een echter een cijfer wat meer zorgen baart. Studenten van wie de ouders tot de hogere inkomensgroepen behoren zullen een studie van hun zoon of dochter wel blijven betalen. Dat lijkt nu al het geval, want in deze groep behaalt 55% een diploma in het hoger onderwijs. In de lagere inkomensgroepen ligt dit percentage een stuk lager met 26%. Het ligt in de lijn der verwachting dat dit percentage verder af zal nemen. Een toename van de sociale ongelijkheid ligt op de loer. Talent zal verloren gaan en het hoger onderwijs wordt iets voor de elite. SGP-jongeren stelt daarom voor om alert te zijn op jongeren die nu buiten de boot dreigen te vallen. Deze potentiële studenten, waartoe behalve de lagere inkomensgroepen ook personen met een functiebeperking gerekend worden, moeten voldoende financiële compensatie ontvangen door een forse verhoging van de aanvullende studiebeurs.

Een goede academicus is niet alleen een specialist maar ook een generalist. Het is daarom zorgelijk dat een tweede studie al snel vijftienduizend euro aan collegegeld kost. Dit zorgt ervoor dat getalenteerde studenten met een brede interesse kiezen voor specialisatie. SGP-jongeren wil daarom niet alleen dat een tweede studie veel goedkoper wordt maar ook dat gemotiveerde studenten kunnen kiezen uit een groter aanbod van tweejarige masteropleidingen. Dit zorgt voor breder opgeleide academici.

Zowel het leenstelsel als de bizarre prijs van een tweede studie zorgen voor een perverse  prikkel. De gedachtegang is begrijpelijk. Een student zal eerder kiezen voor een economische of technische studie. Een studie waarbij de baankans groot is en de lening snel afbetaald kan worden. Hoewel veel van deze studenten best geïnteresseerd zijn in een studie in de geesteswetenschappen zullen ze hier als tweede studie niet voor kiezen door de hoogte van het collegegeld. Koren op de molen van het rendementsdenken maar funest voor Nederland als kenniseconomie omdat veel talent verloren gaat en de kennis zo wel erg eenzijdig wordt.

Een kenniseconomie is namelijk meer dan een verzameling specialisten die als los zand aan elkaar hangen. Het vraagt ook om een goed functionerende academische wereld, waarin wetenschappers de ruimte krijgen om hun werk te doen en waarin de aanwas van goede kwaliteit is. Deze aanwas moet hier echter wel de kans krijgen zicht te bewijzen. Dat kan alleen door de nadelen van het sociaal leenstelsel te ondervangen en de prijs van een tweede studie fors te verlagen. Nederland kan dan wel een kenniseconomie zijn, een kenniseconomie blijven vraagt om goed onderhoud want ze houdt niet zichzelf in stand.   

Geschreven door Rick Moeliker

Rick is voorzitter van de commissie Onderwijs.. Meer artikelen van Rick Moeliker:



Blog comments powered by Disqus