Christelijke politiek (3/6): Groen van Prinsterer, conservatief

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders. Per denker wordt een statement geplaatst. Nu Groen van Prinsterer.

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders. Per denker wordt een statement geplaatst. Nu Groen van Prinsterer.

Wie was hij?
Groen van Prinsterer (1801-1876) is onder andere bekend van zijn werken ‘Ongeloof en Revolutie’ en ‘Handboek der geschiedenis van het vaderland’. Hij was zeer bezorgd om de ontwikkelingen in de kerk en in de politiek zoals die zich in zijn dagen voltrok. Groen van Prinsterer keerde zich fel tegen de geest van de revolutie. Hij vertegenwoordigde de antirevolutionaire stroming in de samenleving. En het was hem “een eer” om daar bij te horen, schrijft hij in 1860 in een van zijn geschriften.

Wat dacht hij?
Groen verzette zich tegen de ideeën van de revolutie omdat deze “de geopenbaarde waarheid en de goddelijke autoriteit” vervangt door de “soevereiniteit van de rede en de individuele wil” zo schrijft hij.
Hij was (dus) overtuigd christen. De opstelling van Thorbecke - die ook christen was - kon hij moeilijk verteren. Thorbecke was de mening toegedaan dat overheid neutraal moest zijn. Het geloof moest niet door de overheid gepropageerd worden, wat volgens hem wel gebeurde als de overheid een christelijke inslag zou hebben.
Groen van Prinsterer daarentegen stelde zich op het standpunt dat de overheid in geen geval neutraal kán zijn. Later accepteerde Groen de neutrale staat wel. Dat was na de zogenaamde schoolstrijd: het confessionele onderwijs werd uitzondering op de regel. Voor Groen was dat een teken dat de tijd dat Nederland een christelijke staat is, ten einde was. De staat heeft dan de plicht zich 'onbevooroordeeld' jegens alle groepen - en juist de minderheden - te gedragen, en moet in die zin neutraal zijn.

Zijn waarde voor nu?
Dat een seculiere overheid niet neutraal is, is een belangrijke notie ook voor vandaag de dag. Een seculiere overheid, die godsdienst naar het privédomein wil verjagen, is juist daardoor niet neutraal. Neutraal zou de overheid zijn wanneer ze actief-pluriform is: én godsienstige en niet-godsdienstige levensovertuigingen evenveel ruimte geven in het publieke domein. Door godsdienstige levensovertuiging uit de publieke ruimte te willen bannen (denk aan het wegnemen van de ruimte voor gewetensbezwaarde trouwambtenaren) maakt zij een keuze waarmee ze niet-neutraal wordt. Groen van Prinsterer heeft ons dat al voorgehouden. Zijn stem is daarmee onveranderd actueel.

Frank van Putten
Beleidsadviseur


Blog comments powered by Disqus