Christelijke politiek (2/6): Calvijn, bruggenbouwer

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders. Per denker wordt een statement geplaatst. Nu Calvijn.

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders. Per denker wordt een statement geplaatst. Nu Calvijn.

Wie was hij?
Al de genoemde denkers zijn bekend, maar Calvijn meer dan gemiddeld. Een introductie van deze reformator en jurist is eigenlijk niet nodig. Noem de Insititutie en Calvijn staat op het netvlies. Ook voor het denken van Calvijn over kerk en staat kunnen we in zijn levenswerk terecht. Hij heeft echter meer over dit thema geschreven, waarvan prof. dr. H. van den Belt een bundel samenstelde: ‘De Messiaanse kus. Overheid en godsdienst bij Johannes Calvijn.’

Wat dacht hij?
Calvijn stelt nadrukkelijk de vraag welke staatsvorm het beste is. "Een koningschap vervalt gemakkelijk tot tirannie. Maar het is niet veel moeilijker om van een regering van de voornaamsten tot een partijregering van weinigen. Maar het gemakkelijkst vervalt een volksregering in oproer”, zo zegt Calvijn. Alles heeft zo zijn nadelen. Dus is het antwoord: er is niet één staatsvorm de beste; het is Gods voorzienigheid dat het ene land op de ene wijze bestuurd wordt, en het andere op een andere wijze. En überhaupt: degenen die over ons gesteld zijn moeten we gehoorzamen, op welke wijze die dan ook georganiseerd zijn. Sterker nog, we moeten ten opzichte van degenen die ons regeren een “buitengewoon eervol gevoel” hebben, zegt Calvijn. Dat is de eerste plicht van de burgers. En daaruit volgt een tweede plicht: gehoorzaamheid bewijzen, of het nu gaat om besluiten uit te voeren, belasting te betalen of andere zaken.

Zijn waarde voor nu?
Uiteraard is er veel meer te zeggen over wat Calvijn dacht. De hierboven genoemde gedachten zijn waardevol. Ook zijn antwoord op de vraag of de overheid ook de eerste tafel van de Tien Geboden moet onderhouden. Ja, zegt Calvijn. Volgens hem is dat zonneklaar, ook al zou de Bijbel ons dat niet leren. Zelfs “heidense schrijvers” hebben niet over “de overheid, de wetgeving en de openbare orde geschreven zonder te beginnen met de religie en de cultus.” De overheid is Gods plaatsvervanger en regeert door Zijn genade.

Bedenkend dat ook atheïsten gelovig zijn, hebben we hier een pasklaar antwoord op het bedrijven van christelijke politiek: ook de eerste tafel van de wet behoort tot het terrein van de overheid. Calvijn heeft wat mij betreft gelijk.

 

Frank van Putten
Beleidsadviseur


Blog comments powered by Disqus