Christelijke politiek (1/6): Augustinus, grondlegger

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders. In de komende tijd zal op de website per denker een statement worden geplaatst. Nu de eerste: Augustinus.

SGP-jongeren organiseert samen met het Wetenschappelijk Instituut van de SGP de masterclass Christelijke Politiek. We denken na over wat zes denkers ons hebben nagelaten rondom vragen over de Bijbel en politiek: Augustinus, Calvijn, Groen van Prinsterer, Kuyper, Kersten en Aalders.  In de komende tijd zal op de website per spreker een statement worden geplaatst. Nu de eerste: Augustinus.

Wie was hij?
Augustinus leefde van het jaar 354 tot 430.  Heel bekend is zijn werk ‘De civitate Dei’ (de stad van God). Ook schreef hij een brief over dwang in de kerk een maatschappij. Met recht is hij daarom als ‘Grondlegger’ aan te merken. Grondlegger voor het denken over kerk en staat, gerechtigheid en overheid.

Wat dacht hij?
Belangrijk in de opvatting van Augustinus is dat hij twee rijken onderscheidt: het rijk van God en het rijk van de wereld. Hoe ligt daarin de verhouding tussen kerk en staat? Augustinus ziet in die verhouding dezelfde tweedeling als je bij ieder mens tegenkomt: het lichamelijke en het geestelijke. Door de kerk kan de mens innerlijk veranderd worden; de staat is slechts bij machtige een ‘uitwendige orde’ te bewerkstelligen. Wel zegt Augustinus dat én kerk én staat bij het rijk van God moeten behoren.

De staat moet gerechtigdheid en vrede bevorderen, zegt Augustinus. “Echte gerechtigdheid is uitsluitend te vinden in die staatsgemeenschap, waarvan Christus de stichter en bestuurders is.” Het staatsbestel moet dus gebaseerd zijn op de gerechtigheid van God, zegt de kerkvader. Maar de vrede die de staat bewerkstelligt is wel een aardse vrede. Echte vrede is alleen in de stad van God te vinden.

Zijn waarde voor nu?
Eén van de mooiste uitspraken over de doorwerking van het christelijk geloof in het staatsbestel vind ik datgene wat hij zegt over de taak van een koning. Mag hij wetten maken die gebaseerd zijn op de bijbel? Gezien het voorgaande is het antwoord eigenlijk al gegeven, het citaat wil ik je niet onthouden:

"En hoe kunnen koningen de Heere nu ‘dienen in ontzag’? (...) Ze dienen Hem (...) op twee manieren: als mens en als koning. Als mens door gelovig te leven, maar als koning door wetten te maken die correct gedrag voorschrijven en het tegendeel te verbieden; en die te handhaven met passende maatregelen.”

Klare taal! Ook anno 2014.

 

Frank van Putten
Beleidsadviseur


Blog comments powered by Disqus